Botenvergelijking

VIERMAAL
THE CAB
VIERMAAL
ANDERS

The Cab van Menken Maritiem is een eigenwijs model: geen sloep maar meer een tender ‘avant la lettre’. Op de Vinkeveense plassen varen we met vier Cab-varianten, waarvan de verschillen vooral in de afmetingen en de aandrijvingen zitten.


Door Epco Ongering

De Telegraaf VRIJ

This video has been disabled until you accept marketing cookies. Manage your preferences here or directly accept targeting cookies.

Twee decennia geleden zocht ontwerper en scheepsbouwkundig ingenieur Martin de Jager inspiratie voor een nieuw model open boot bij Amerikaanse smokkelaarsboten uit de ‘roaring twenties’ van de vorige eeuw. In de tijd van Al Capone hadden bootmerken als Dart en Chris*Craft een dikke V8 benzinemotor onder het voordek om de politie te snel af te zijn. Deze zogenaamde Rum Runners werden geroemd om hun snelheid en manoeuvreerbaarheid.

Nog altijd zijn het stijliconen met kenmerkende rechte lijnen en tumblehome achterkant. Hierdoor geïnspireerd tekende Martin de Jager een tijdloos bootje dat ook nu nog als taxiboot zou kunnen dienen.

The Cab is stoer, simpel en even fraai gelijnd als de Rum Runner voorgangers. Cab’s zijn echter veel zwaarder gebouwd, wegen elk minimaal 1100 kilogram en hebben moderne aandrijvingen. De motoren en de afmetingen bepalen het verschil tussen de vier CAB versies.

We zetten eerst de overeenkomsten op een rij.

De rompvorm van alle Cab’s is simpel en praktisch, het onderwaterschip bestaat uit een diepe V-knikspant met skeg. Dat maakt de boot lekker ruim, stabiel en geoptimaliseerd voor minimale waterweerstand. Dat is altijd handig, maar helemaal als je elektrisch of planerend vaart.


Het polyesterwerk is degelijk, met een dikke gelcoatlaag in de gewenste kleur, waarbij wit, blauw, rood en groen favoriet zijn.

De indeling is eigenlijk in alle boten hetzelfde. Een Cab heeft een brede stuurbank achterin met de optie om een deur in de spiegel te krijgen. De modellen met een kleine motor hebben brede opstaptreden aan weerszijden. Voorin is een rondzit. Onder het voordek en onder de banken is opbergruimte waar je ook een koellade in kwijt kunt.

De motorkist heeft een handige dikke rand, zodat er niets vanaf rolt. Jammer is alleen dat de knevels van de kisten in de kuiten van de bankzitters prikken. Het teakhout van de gangboorden en het potdeksel is uit overmaats hout gezaagd. Dat betekent dat het hout zonder buiging, spanningsvrij is gemonteerd. Het is overigens teak uit Sri Lanka, het land waar de Cab’s op de werf van Neil Fernando worden gebouwd.


Elektrische Cab

Zoals gezegd vind je de belangrijkste verschillen tussen de Cab’s in de aandrijving. Daarom beginnen we met de elektrische Cab, in dit emissiebeperkende tijdperk de meest eigentijdse variant. Helemaal stil is elektrische aandrijving overigens nooit, je hoort altijd de schroefas en wat klotsen van het water tegen de romp.

De motorisering varieert van
poeslief spinnend tot gevaarlijk grommend.

Maar wat een rust straalt dit bootje uit. Je haalt met deze 4,8 kW motor uit het 48 Volt systeem en de 280Ah AGM accu’s een actieradius van zes uur.

Maar dat lukt alleen als je de gashendel in toom houdt en met een snelheid van 7-8 km/u blijft varen. Vaar je volgas, ongeveer 10 km/u ,dan is de pret binnen twee uur voorbij. Het klinkt misschien vreemd, maar je moet leren om elektrisch te varen. Het systeem reageert wat trager dan met een brandstofmotor. Door het grote gewicht moet je flink ‘gas’ geven voor de boot reageert. Voordeel is dat je de accu’s in een paar uurtjes weer kunt laden en een dag varen kost je maar een paar euro.

The Cab

Zwaardere motorisering vind je in de ‘gewone’ Cab. Zo gewoon is ie niet, want dit is eigenlijk een standaard complete tender met alles er op en er aan. De motorisering begint bij een 29 pk Sole. Daarmee haal je een topsnelheid van 16 km/u en dus heb je voor deze boot geen vaarbewijs nodig. Deze Cab vaart probleemloos, is stabiel en degelijk.


FastCab

De snelle uitvoering van The Cab heeft dezelfde romp, maar is met een 110 pk onder de motorkist een wolf in schaapskleren. Als deze Cab stil ligt verwacht je het aan de buitenkant niet, maar als je de gashendel openzet schiet je direct door naar 45 kilometer per uur.


Cab XL

De Cab XL is een vreemde eend in de bijt. Deze uitgerekte Cab is anderhalve meter langer en 20 cm breder dan de andere Cab’s. Je kunt er met 12 man comfortabel in varen en als optie een toiletje onder het voordek krijgen. Motorisering is mogelijk van 42pk viercilinder, waarmee de boot onder de vaarbewijs plichtige grens van 20 km/u blijft tot een 280pk zescilinder. Daarmee heb je een beest van een FastCabXL die dik zestig kilometer op de teller brengt.

Conclusie

The Cab is in amper 20 jaar uitgegroeid tot een populair model. Inmiddels varen er al zo’n 250 Cab’s rond. Het zijn stoere bootjes met een tijdloze uitstraling en een karakter dat afhankelijk van de motorisering varieert tot poeslief spinnend tot gevaarlijk grommend.

Als je bedenkt wat voor watersporter je bent, kun je zelf bepalen welke Cab het beste bij je hoort. Ben je iemand voor stil en milieuvriendelijk, dan lijkt de elektrische geschikt. Ben je meer van de gezelligheid en de snelheid, dan past misschien is de XL met dikke diesel bij je.

De RIB-lijn van Conrad Pischel heeft een exclusieve status omdat de 'opblaasboten' op veel superjachten als bijboot fungeren. In Nederland is het merk nog niet zo bekend. Hoogste tijd voor een nadere kennismaking.

Conrad Pischel is een Duitse ‘Boots- und Schiffbaumeister’ die net over de grens bij Keulen gespecialiseerd is in de bouw van opblaasboten met harde polyester bodem, de zogenaamde RIB’s.

De RIB Line bestaat uit een serie opblaasboten van 9 tot 35 voet (2,7 tot 11,5 meter). Ze zijn te herkennen aan het logo met drie seinvlaggen van de letters R, I en B. RIB is trouwens een afkorting voor Rigid Inflatable Boat, opblaasboot met harde bodem.

De uitstekende bouwkwaliteit zie je onder meer terug in de tubes van hypalon, de beste neopreensoort. Je ziet dat de boten met Duitse degelijkheid handlay-up zijn gelamineerd. Daardoor kunnen ze tegen een stootje en qua constructie scoren ze de hoogste cijfers. De kegels van de tubes zijn aan de achterzijde ingekort en ook aan de voorzijde zijn de tubes vrij plat. Op die plekken heb je geen drijfvermogen nodig en de boten worden hierdoor gemakkelijker te transporteren. Alle boten hebben nette kussens en zijn aan te passen aan de individuele wensen van de klant voor wat betreft kleuren, accessoires en indeling. Verder zijn de meeste RIB’s uit te rusten met enkele of dubbele motoren, met bimini’s, een toilet in de stuurconsole tot koelkasten en kookplaten aan toe.

Voor een gebruiksboot op ruig water is het onderwaterschip belangrijk, want dat bepaalt de vaareigenschappen. Pischel heeft een lange staat van dienst als het gaat om een bodem die snel planeren en veilig planeren door de golven mogelijk maakt. De boten zijn te elegant om als gooi- en smijtbak te gebruiken, fijner is het om gecontroleerd te genieten van het rustige vaargedrag. Watersport Magazine voer tussen het fonteinkruid op het Eemmeer met drie modellen in populaire maten, de 4.7 Premium, de 5.8 Premium en de 6.8 Premium..

This video has been disabled until you accept marketing cookies. Manage your preferences here or directly accept targeting cookies.

WAT MAAKT MAXIMA SLOEP ZO POPULAIR?

Het Nederlandse sloepen en tender merk Maxima is momenteel razend populair. Een belangrijke reden voor bootkopers is de prijs. De kleinste met een 8 pk motor kost rond de 10.000 euro. Hoogste tijd voor een proefvaart en dat deden wij met de Maxima 720 Retro in Amsterdam.

This video has been disabled until you accept marketing cookies. Manage your preferences here or directly accept targeting cookies.